Hochkönig: almen onder het kalkplateau
De Hochkönig is het bekendste symbool van deze regio en tegelijk het scherpste contrast: onderaan almwandelen, bovenaan hoogtocht. Wie de Hochkönig wil beklimmen, heeft twee heel verschillende ervaringen om uit te kiezen.
De onderste wereld begint in de startdorpen Mühlbach, Dienten en Maria Alm. Van hieruit leiden goed gemarkeerde paden door almweiden met direct zicht op de steile wanden van het kalkplateau. Het Arthurhaus op ongeveer 1.500 meter is het klassieke startpunt voor meerdaagse tochten en almrondes. Wie op zoek is naar lichte routes rond de Hochkönig, zit met de almwegen onder de wanden helemaal goed: brede paden, betrouwbare bewegwijzering, pleisterplaatsen binnen een paar uur.
De bovenste wereld begint bij het Arthurhaus en voert als hoogtocht naar het Matrashaus vlak bij de top. De Übergossene Alm is een gletsjerrest op het plateau die van jaar tot jaar kleiner wordt. Wie naar boven wil, heeft alpiene ervaring, conditie en stabiel weer nodig. Voor genietwandelaars ligt het beste van de Hochkönig precies in de zone daartussen.
Vergeleken met de grasbergen van de Sportwelt: hoekiger, kalkachtiger, dramatischer in het decor. Gezinnen met kinderen zijn op de almwegen zeer welkom, op de toptocht niet.
Salzburger Sportwelt en Pongau: grasbergen en almdorpen
Tussen Altenmarkt, Flachau, Wagrain, St. Johann im Pongau, Radstadt en Filzmoos ligt het zachtste almwandelgebied van de regio. De toppen zijn grasbergen, de overgangen breed en vergezicht-rijk, de dorpen in het dal goed bereikbaar. Wie in St. Johann im Pongau wil wandelen, vindt hier een wegennet dat loopt van de gemoedelijke almronde tot het lange panoramapad.
Wandelen in de Pongau betekent vooral: 's ochtends omhoog naar de alm, urenlang onderweg op het höhenweg, 's avonds intrekken in een almdorp. Het gebied leent zich uitstekend voor meerdaagse tochten, omdat de etappeplaatsen dicht bij elkaar liggen en de overgang van het ene almgebied naar het andere zelden alpiene techniek vereist.
Filzmoos in het zuiden ligt al in het blikveld van de Dachstein. Wie van daaruit de hooggebergte-wereld wil instappen, vindt de route rond de Dachstein beschreven in de Dachstein Rundwanderweg-gids.
Vergeleken met de Hochkönig: groener, rustiger, technisch eenvoudiger. De Pongau is het hart van het almwandelen in het Salzburgerland.
Pinzgau en Hohe Tauern: watervallen, kloven en gletsjerzicht
Wie van de almidylle wil overstappen naar de gletsjerwereld, reist naar Zell am See en Kaprun. De Pinzgau opent het zicht op de Hohe Tauern: drieduizenders, gletsjertongen, brede dalen met watervallen. De Krimmler Wasserfälle in het westen van de Pinzgau behoren tot de indrukwekkendste natuurschouwspelen van de Alpen en zijn bereikbaar via een lang dalpad, geen hoogtevrees nodig.
Het Rauriser Tal is rustiger en minder bekend. Berggraslanden, marmotten, uitzicht op vergletsjerde toppen. Wie natuur zonder drukte zoekt, zit hier goed.
Vergeleken met de Hochkönig en de Sportwelt: grootschaliger, alpiener, voor wie meer wildernis en hoogte wil. Het aanbod meerdaagse tochten van Bookatrekking ligt momenteel in het Hochkönig-gebied en in de Pongau; de Pinzgau ontdek je het best met een vaste standplaats in Zell am See of Kaprun.
Tennengebirge en Lammertal: karst en rotswanden
Het Tennengebirge is het ruigste van de vijf gezichten: een karstplateau met steile noordwanden, diepe kloven, de Eisriesenwelt bij Werfen als bekendste publiekstrekker. Wie hier wandelt, vindt minder almdorpen en meer eenzaamheid. De paden zijn vaak steiler en minder begaan dan bij de Hochkönig of in de Sportwelt.
Abtenau en Annaberg in het Lammertal bieden rustigere instappunten. Het plateau van het Tennengebirge is bedoeld voor ervaren wandelaars die een alpienere ervaring zoeken, zonder gletsjertechniek nodig te hebben.
Vergeleken met de Salzkammergut-kant: hoekiger, stiller, voor wie het liever ruw dan groen-idyllisch heeft.
Salzkammergut-kant: meren, Schafberg en Postalm
Ten oosten van Salzburg ligt de Salzkammergut-kant met de Fuschlsee, de Wolfgangsee en de Osterhorngroep. De wandelingen hier zijn vooralpien: rustiger, met meren als decor, over zachte alm-hoogvlaktes zoals de Postalm. De Schafberg boven St. Wolfgang is een klassieker, met de tandradbaan naar de top en de wandeling terug naar het dal als lonende afdaling.
Vergeleken met de Hochkönig: lager, groener, gezinsvriendelijker. Ideaal voor wie wandelen wil combineren met zwemmen in het meer, of een zachte instap in het almwandelen zoekt.