Het antwoord op "wat is het mooiste deel van Corsica" hangt af van wat je zoekt. Het eiland heeft zeven wandelgebieden die elk een ander gezicht tonen.
Aiguilles de Bavella en het Ospedale-bos
De rode granietnaalden van Bavella zijn het meest gefotografeerde bergdecor van Corsica. Vanuit de gelijknamige pas lopen paden door een geurend dennenbos, langs rotswanden en langs de Coscione-weiden. Het Ospedale-bos ten noorden biedt rustiger rondes met weids uitzicht op de kust. Dit gebied is goed bereikbaar en ideaal als dagbestemming vanuit het zuiden van het eiland.
Vallée de la Restonica en Corte
Corte is de historische hoofdstad van het binnenland en een prima uitvalsbasis voor meerdere wandeldagen. De klim vanuit de Restonica-vallei naar de bergmeren Lac de Melo en Lac de Capitello is een van de meest gelopen routes van het eiland: granietplaten, kabels op de steilste stukken en dan twee turquoise meren in een cirque. In de zomer is het druk; vroeg vertrekken is de boodschap.
Niolo, Asco en de omgeving van Monte Cinto
Dit is het hoogste en ruigste deel van het eiland. De valleien van Niolo en Asco zijn wild en relatief onbezocht. Het wandelterrein is alpin van karakter: grote hoogteverschillen, weinig schaduw, veel graniet. Voor ervaren bergwandelaars is dit het meest indrukwekkende deel van Corsica. Beginners zijn hier niet op hun plek.
Calanques de Piana en de golf van Porto
De rode rotstorens van de Calanques de Piana, gecombineerd met de turquoise baai van Porto, staan op de Unesco Werelderfgoedlijst. Capo Rosso is het bekendste wandeldoel: het pad klimt naar een Genuese toren met een panorama dat aan alle kanten de zee raakt. Voor wie een wandelvakantie op Corsica wil met spectaculaire kustbeelden maar minder hoogte, is dit de regio.
Cap Corse
Het noordelijke schiereiland is smaller dan een vinger op de kaart maar verrassend veelzijdig. Het kustpad langs de oude Genuese torens loopt boven de zee, passeert verlaten vissershaventjes en eindigt bij stranden die buiten het hoogseizoen verlaten zijn. De sfeer is zachter dan in het hoge binnenland en het wandelterrein is gevarieerder dan je op het eerste gezicht verwacht.
Désert des Agriates
Het kale, heuvelachtige landschap van de Agriates in het noordwesten lijkt op het eerste oog weinig aantrekkelijk, maar het kustpad naar de stranden van Saleccia en Lotu is een van de fraaiste kustwandelingen van het eiland. Geen auto's, geen hotels, wel een bewonersdijk van maquis en de zee die aan beide kanten zichtbaar is.
Bonifacio en Roccapina
Het zuiden van Corsica heeft een totaal ander karakter dan het binnenland: lage witte kalkstenen kliffen boven donkerblauw water, met Bonifacio als indrukwekkend eindpunt. De kustwandeling langs de kliffen en de paden rond Roccapina passen goed bij een wandelvakantie met een lager tempo en een comfortabeler basis.